Aangeboden door:
SlimRenoveren
Geschreven door:
blogger
Sean Vos
Categorie:
Vastgoed
Artikel delen:
logo logo logo logo
36x bekeken

2050 is het nieuwe 2020

Vanaf het begin van 2017 merk ik een duidelijke verschuiving van de focus bij de meeste corporaties. Nu 2020 heel dichtbij komt, verschuift de focus naar een nieuwe stip op de horizon: een CO2 neutrale woningvoorraad in 2050. Een welkome verschuiving, want van het labeljagen naar label B ben ik nooit zo’n fan geweest. Hoewel de nieuwe doelstelling met nog 32,5 jaren te gaan voor vastgoedbegrippen relatief dichtbij is, geeft deze nieuwe focus lucht en ruimte om ambitieuzer te werk te gaan. Dat is ook nodig, want ruim zeven miljoen woningen (bijna) energieneutraal of CO2-neutraal maken is een behoorlijke opgave. En corporaties hebben slechts invloed op een deel van deze voorraad. De rest is immers in handen van woningeigenaren, beleggers en commerciële verhuurders.

DE LESSEN UIT HET LABELJAGEN
Nu we aan het begin staan van een nieuwe opgave, is het van belang om terug te kijken. Wat kunnen we leren van het Convenant energiebesparing corporatiesector en de wijze waarop dit heeft geleid tot energiebesparende maatregelen? Wat mij betreft zijn er de volgende lessen uit te trekken:

- De klant heeft nauwelijks centraal gestaan. Het stapelen van kleine maatregelen om de gewenste labels te verkrijgen werd uitsluitend ingezet om de doelstelling te behalen. Zaken als spouwvulling, nieuwe ketels en ventilatiesystemen leveren weliswaar een bijdrage aan het wooncomfort, maar zijn verder relatief onzichtbaar en stonden voorafgaand aan de ingreep nauwelijks op het verlanglijstje van de huurder. Wat willen de huurders nu echt als het gaat om verduurzamen? En welke andere wensen kunnen meegenomen worden in deze verduurzamingsslag?

- Het stapelen van kleine maatregelen is relatief goedkoop, maar funest voor het nemen van vervolgstappen. Van veel woningen die met het standaard maatregelenpakket naar een B-label zijn gebracht, vraag ik me af of het financieel en technisch haalbaar is om ‘het volgende level’ in de verduurzamingsslag te maken. Hoe ga je om met spouwvulling en reeds aangebrachte dakisolatie wanneer de Rc-waarde nog verder omhoog moet? Ga je HR++ glas vervroegd afschrijven omdat de kozijnen vervangen moeten worden en triple glas gewenst is?

- Het uitvoeren van vele kleine stappen bij veel woningen kost relatief veel tijd. Mede daardoor worden de doelstellingen uit het convenant door veel corporaties niet gehaald. Een sterk projectmatige aanpak leidt tot lange voorbereidingstijden, veel maatwerk en door de stapeling van veel kleine maatregelen tot lange doorlooptijden in de uitvoering.


NIEUWE KANSEN
De nieuwe focus op 2050 biedt nieuwe kansen en overwegingen. Gaan de complexen in één keer naar het gewenste energetische niveau, of juist in stappen? Gelukkig zie ik dat corporaties, mede door de lessen uit het verleden, niet zomaar opnieuw het laaghangend energetische fruit gaan plukken. Steeds vaker wordt nagedacht over logische stappen en toepassing van kant-en-klare concepten voor Nul op de Meter, (Bijna) Energieneutraal, NoM-ready of No-regret. Er wordt weer langer vooruitgekeken en nagedacht over wat slim en gewenst is. Langzaam ontstaat ook het besef dat samenwerking binnen de sector essentieel is om tot de gewenste resultaten te komen. Binnen de Aedes Vernieuwingsagenda wordt daarom gewerkt aan vraagbundeling en conceptontwikkeling. En die zijn keihard nodig om in 2050 een CO2 neutrale woningvoorraad te kunnen opleveren.

Ook staat de klant vaker centraal. Serieuze investeringen in Nul op de Meter en (Bijna) energieneutraal vragen om een nieuwe woningschil, waarin keuzevrijheid ontstaat in materialisatie en uitstraling. Ook badkameruitbreiding en het verbeteren van de levensloopbestendigheid van de woningen kunnen en worden hierin steeds vaker meegenomen. Zo verschuift de focus op kleine verbeterstappen om aan de energetische doelstellingen te voldoen, naar een meer integrale focus op woonkwaliteit en toekomstbestendigheid.

PARTICULIERE VOORRAAD MOET VOLGEN
Om de doelstellingen voor 2050 te behalen, is het van belang dat corporaties nu snel aan de slag gaan met een ambitieuze aanpak. Dit leidt namelijk tot de gewenste opschaling van de marktvraag die nodig is om een aantal noodzakelijke innovaties te stimuleren. Bij voldoende vraag naar renovatieconcepten voor de schil en slimme installatiemodules, loont het voor de bouwkolom om over te schakelen van inkopen en assembleren naar het industrieel produceren van complete, snel te monteren componenten. Nu is dat nog relatief duur, maar bij opschaling van de vraag wordt dit al snel interessant. En de Nederlandse woningvoorraad is er, met slechts een paar zeer dominante woningtypen, zeer geschikt voor.

Waarom deze ontwikkeling zo belangrijk is? Na de woningvoorraad van de corporaties, wacht er nog een flinke particuliere woningvoorraad op een verduurzamingsslag. Particuliere woningeigenaren komen minder makkelijk in beweging en kijken minder ver vooruit dan corporaties doen. Met de huidige strengere hypotheeknormen, zijn juist in dit segment kostenreductie en koppeling aan beleving en wooncomfort van groot belang om deze markt te ontsluiten en zo de doelstellingen voor 2050 dichterbij te brengen. De effort van corporaties is daarmee niet alleen van nut voor het toekomstbestendig maken van de eigen voorraad, maar bewijst ook de particuliere woningeigenaren, en daarmee BV Nederland, een belangrijke dienst. Is dat niet Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen in optima forma?

  • VVA
  • huisvestings advocaten
  • e-vontuur
  • han van goeverden
  • emceo
  • covalis
  • wocoapp